Share.

    2 commenti

    1. pwiegers on

      >Toch denkt ook hij dat matige klassikale discipline de oorzaak is van slechtere leerprestaties, en niet andersom. “De combinatie van een zwak klasklimaat, schoolverzuim en pesten ondermijnt de onderwijskwaliteit. Ik ben het eens met de onderzoekers dat **beleid** dringend nodig is.”

      Ik kan je zo wel vertellen dat dat niet gaat werken. De ouders zijn het probleem; niet de leerlingen. *Ouders* dreigen tegenwoordig met rechtzaken, wanneer Jantje geen voldoende haalt, wat, natuurlijk, altijd aan de docent ligt. Het aanwijsbare gegeven dat Jantje niets doet aan zijn huiswerk, heeft dat vanzelfsprekend niets mee te maken.

      Dit probleem is niet door beleid op scholen op te lossen, maar onderdeel van een veel groter probleem in NL: “jij gaat mij niet vertellen wat ik moet doen”.

      Hoe we dat moeten oplossen… geen idee.

    2. Balance- on

      We praten vaak over leerlingen alsof ze óf gedisciplineerd óf ongedisciplineerd zijn. Dat klopt niet met de werkelijkheid. Deze simpele tweedeling zorgt voor problemen: kinderen die het stempel ‘ongedisciplineerd’ krijgen, gaan zich daar vaak naar gedragen. En als we altijd discipline verwachten, is er geen ruimte voor spontaniteit en creativiteit.

      We kunnen beter denken aan discipline als een vaardigheid die iedereen kan ontwikkelen. Dezelfde leerling die tijdens een uitleg niet stil kan zitten, kan heel geconcentreerd werken aan een project dat hem of haar echt interesseert. Het gaat erom dat je leert wanneer welk gedrag passend is.

      Het onderzoek van Professor Agirdag laat zien dat er iets misgaat in de communicatie. Leraren en schoolleiders maken vaak niet duidelijk wanneer ze discipline verwachten en wanneer er ruimte is voor spontaniteit. Zonder die duidelijkheid moeten leerlingen maar gissen naar wat er van hen verwacht wordt, met verwarring en inconsistent gedrag als gevolg.

      Goede onderwijsprofessionals doen het volgende:

      1. Ze maken concreet duidelijk welk gedrag ze in welke situatie verwachten
      2. Ze leggen uit waarom bepaalde regels er zijn
      3. Ze geven zelf het goede voorbeeld
      4. Ze herkennen wanneer er juist ruimte moet zijn voor spontaniteit

      Professor Agirdag zegt het treffend: “Je moet een leerling kunnen uitleggen dat je streng bent omdat je het beste met hem of haar voorhebt.” Door zo’n uitleg begrijpen leerlingen dat regels er niet zijn om hen te pesten, maar om een doel te bereiken.

      We moeten leerlingen niet ‘disciplineren’, maar hen helpen aanvoelen wanneer discipline nodig is en wanneer spontaniteit beter werkt. Dit inzicht helpt hen om bewuste keuzes te maken over hun gedrag, afhankelijk van de situatie.

      Door hierop te focussen en door duidelijk te communiceren, kunnen we scholen creëren waar zowel structuur als vrijheid, regelmaat als creativiteit, hun plaats hebben. Het doel is niet om leerlingen te vormen die altijd braaf de regels volgen, maar om jongeren op te leiden die begrijpen wanneer discipline waardevol is en wanneer juist niet.

    Leave A Reply