De drinkwatervoorziening van de toekomst komt niet van de grond. Provincies, Rijk en drinkwaterbedrijven stelden doelen om te garanderen dat Nederland na 2030 voldoende schoon, zoet water heeft. Maar die worden niet gehaald. ‘De problemen zijn niet kleiner geworden, eerder groter.’
**Bij Kruisland, in** het meest westelijke hoekje van Noord-Brabant, strijden vijftig boeren, verenigd in de Stichting Anti Drinkwaterwinning Kruisland tegen een nieuwe waterput. ‘De toekomst van onze bedrijven staat op het spel’, zeggen de landbouwers die vrezen voor een zakkende bodem en strengere regels voor bestrijdingsmiddelen en mest.
In heel Nederland staat de drinkwatervoorziening onder druk, maar in Brabant knelt het het meest. Eerder moest drinkwaterbedrijf Brabant Water al waterwinputten sluiten vanwege vervuiling door bestrijdingsmiddelen. Ook zijn de Brabantse zandgronden waar het grondwater onder verscholen zit zo droog dat er volgens waterwetgeving geen extra water uit opgepompt mag worden. Tot 2030 komt Brabant Water vier tot zes miljoen kubieke meter water te kort per jaar, net zoveel als het verbruik van een stad als Dordrecht.
Brabant Water heeft maar twee mogelijke locaties om extra water op te pompen. Bij Kruisland loopt het dus stroef, ook al zegt de provincie dat waterwinning en landbouw hier goed samen kunnen gaan. En ook bij Gilzerbaan in de buurt van Tilburg, botsten de plannen op bezwaren. Milieuorganisaties en drinkwaterbedrijf Brabant Water treffen elkaar al jaren in de rechtbank van Breda. Beschermde natuurgebieden als de Regte Heide, waar schapen dartelen tussen vennen en vochtige heide, mogen van de wet niet verder verdrogen. Dat de provincie en het drinkwaterbedrijf juist daar extra water willen winnen, vinden natuurorganisaties onverantwoord. Maar zonder deze winning zou Brabant Water een ‘acuut leveringsprobleem’ krijgen. Sinds vorige week is er een compromis: het bedrijf kan aan de slag maar beloofde om in de toekomst, als er geen watertekorten meer zijn, andere natuurgebieden te ontzien.
Steeds luider slaan drinkwaterbedrijven en toezichthouders alarm, want de drinkwatervoorziening loopt steeds verder vast. Vereniging van waterbedrijven, Vewin, publiceerde al in 2022 een kaartje van Nederland in meerdere tinten rood: door het hele land dreigen tekorten. Nu al moet Vitens, het grootste drinkwaterbedrijf, noodgedwongen nieuwe drinkwateraansluitingen van bedrijven weigeren en is er vrees voor toekomstige woningbouwprojecten in onder meer Utrecht en Overijssel. In 2040 verbruiken we 30 procent meer water dan nu en komen we jaarlijks 299 miljoen kubieke meter tekort, meer dan het verbruik van heel Noord-Brabant. Gaat het zo door, dan loopt de watervoorziening net zo vast als het stroomnet.
Nederland dacht zich goed te hebben voorbereid op de groeiende watervraag. De dorre, droge zomer van 2018 was een wake-upcall. ‘We moeten eerder een voorraad aanleggen’, zegt Joke Cuperus, directeur van drinkwaterbedrijf PWN. In het Kamerdebat ‘omgaan met gevolgen van aanhoudende droogte’ vroeg de SP of onze grondwatervoorraden nog wel volstaan; en moeten drinkwaterbedrijven niet extra reserves aanleggen? De VVD was het ermee eens en diende een motie in. Watertekorten moeten hoe dan ook worden voorkomen.
Die zomer besloot het Rijk dat er extra watervoorraden moeten komen. Binnen drie jaar moeten de provincies de ‘Aanvullende Strategische Voorraden’ zeker stellen. ‘Dit zijn geen grote kelders vol stilstaand water, zo werkt het niet,’ legt Peter Salverda uit, ‘want het water dat uit Nederlandse kranen komt is “dagvers” en zit nooit langer dan 24 uur in een reservoir.’ Salverda is landelijk strategisch omgevingsmanager bij Vitens, het grootste drinkwaterbedrijf van het land, en bedacht samen met de provincies het plan voor de reserves. Het gaat juist om extra, nieuwe en uitermate goed beschermde locaties voor toekomstige waterwinningen door het hele land. Bedoeld om vanaf 2030 groeiende dorst op te vangen.
Maar die doelen worden lang niet overal gehaald, blijkt uit onderzoek van Platform Investico met De Groene Amsterdammer, Trouw, Tubantia en de Brabantse Onderzoeksredactie. Zonder dat iemand het hardop zegt zijn de deadlines al verstreken. In een aantal provincies is de situatie nu al zo nijpend, dat de reserves al voor 2030 worden aangesproken, of dat het aanleggen van reserves niet eens een optie is. Een robuuste watervoorziening voor de toekomst, misschien wel de allereerste levensbehoefte, komt maar moeizaam van de grond. ‘De problemen zijn niet kleiner geworden, eerder groter.’
**Door heel Nederland loopt** de zoektocht naar water vast. In twee provincies is het nog niet gelukt om de locaties voor watervoorraden aan te wijzen, blijkt uit een inventarisatie bij alle provincies. Twee andere kunnen geen reserves aanleggen en kampen al voor 2030 met tekorten. Acht provincies hebben inmiddels wél locaties voor extra watervoorraden aangewezen. Maar dat blijkt geen zekerheid, want twee daarvan hebben de reserves door de groeiende dorst al eerder dan 2030 nodig. En in vijf van deze acht provincies loopt het aanleggen van de voorraden stroef door tegengestelde belangen en moeizame bestuurlijke processen.
Groningen en Friesland zijn te laat. Na zeven jaar is het nog niet gelukt om zelfs maar locaties aan te wijzen. Volgens de provincie Groningen komt de vertraging onder meer doordat een particuliere grondeigenaar geen toestemming gaf voor bodemonderzoek op zijn terrein. Vijf gebieden in Friesland komen in aanmerking maar volgens de provincie is verder onderzoek noodzakelijk. ‘We hebben de voorraden niet direct nodig’, zegt Friso Douwstra (CDA). ‘Er is tijd genoeg.’ Eerder duurde goedkeuring van een waterwinning bij het Friese dorp Luxwoude, mede door felle protesten van omwonenden, maar liefst zeven jaar. In Zeeland lukt het net als in Brabant simpelweg niet om reserves voor de toekomst aan te leggen. Door het zeewater is het grondwater te zout. Dus wil drinkwaterbedrijf Evides extra water tanken uit de Brabantse Biesbosch en naar Midden-Zeeland brengen via een nieuwe, kilometerslange lange pijp. Drenthe en Noord-Holland hebben de reserves netjes aangewezen, maar breken ze door de grote watertekorten al eerder dan 2030 aan.
Elders zijn locaties aangewezen, maar loopt het daarna vast. Soms botsen de plannen op de grenzen van de natuur. De waterwinning in de Limburgse Roerdalslenk kan niet uitgebreid worden. Er is al te weinig water, waardoor er volgens Europese regels geen druppel extra uit mag. Ook in de andere twee potentiële waterwingebieden valt er niet veel extra te winnen, bij eentje is het water vervuild door mest. In Overijssel is de situatie bijna net zo nijpend als in Noord-Brabant. Vitens wil water oppompen bij Daarle-Vriezenveen maar door risico op verdroging en een slechte waterkwaliteit lukt het hier voorlopig niet. Wanneer je water gaat oppompen bij Koppelerwaard, trek je water weg bij een Natura 2000-gebied dat vervolgens kan uitdrogen. Te veel verdroging mag niet volgens de natuurregels. En bij het Overijsselse Bruchterveld, waar bomen ‘s zomers bezwijken door de droogte, concurreer je met boeren die ook water willen oppompen om hun weilanden te sproeien. In beide gebieden kan minder worden opgepompt dan verwacht.
d_ponyreiter on
Ok, dan maar zeewater drinken….
Draquhl on
Onzin, Nederland is een rivierdelta.
Een watertekort is ondenkbaar en wie anders beweerd is bezig ons nog meer geld uit de zak te kloppen.
NLThinkpad on
Alle schaarste is beleidsmatig.
Vooral ook deze.
kneusteun on
Mooi agenda punt voor 2050 👍 dan kunnen ze het een crisis noemen en er nog niks aan doen, behalve gebruiken voor marketing doeleinden.
F1R3Starter83 on
Drie keer raden wie het probleem veroorzaakt…..🥁🚜🚜
Soap_Mctavish101 on
Oh fijn. Nog iets leuks om naar vooruit te kijken.
koensch57 on
Kapitalisme ten top:
boeren pompen het laatste drinkwater op om hun vee te voorzien en de drinkwater bedrijven moeten maar zien hoe ze aan water komen en de kosten afwentelen op de burgers.
8 commenti
[Archive](https://archive.ph/Fscdx)
**Schoon, zoet en na 2030 te weinig**
De drinkwatervoorziening van de toekomst komt niet van de grond. Provincies, Rijk en drinkwaterbedrijven stelden doelen om te garanderen dat Nederland na 2030 voldoende schoon, zoet water heeft. Maar die worden niet gehaald. ‘De problemen zijn niet kleiner geworden, eerder groter.’
**Bij Kruisland, in** het meest westelijke hoekje van Noord-Brabant, strijden vijftig boeren, verenigd in de Stichting Anti Drinkwaterwinning Kruisland tegen een nieuwe waterput. ‘De toekomst van onze bedrijven staat op het spel’, zeggen de landbouwers die vrezen voor een zakkende bodem en strengere regels voor bestrijdingsmiddelen en mest.
In heel Nederland staat de drinkwatervoorziening onder druk, maar in Brabant knelt het het meest. Eerder moest drinkwaterbedrijf Brabant Water al waterwinputten sluiten vanwege vervuiling door bestrijdingsmiddelen. Ook zijn de Brabantse zandgronden waar het grondwater onder verscholen zit zo droog dat er volgens waterwetgeving geen extra water uit opgepompt mag worden. Tot 2030 komt Brabant Water vier tot zes miljoen kubieke meter water te kort per jaar, net zoveel als het verbruik van een stad als Dordrecht.
Brabant Water heeft maar twee mogelijke locaties om extra water op te pompen. Bij Kruisland loopt het dus stroef, ook al zegt de provincie dat waterwinning en landbouw hier goed samen kunnen gaan. En ook bij Gilzerbaan in de buurt van Tilburg, botsten de plannen op bezwaren. Milieuorganisaties en drinkwaterbedrijf Brabant Water treffen elkaar al jaren in de rechtbank van Breda. Beschermde natuurgebieden als de Regte Heide, waar schapen dartelen tussen vennen en vochtige heide, mogen van de wet niet verder verdrogen. Dat de provincie en het drinkwaterbedrijf juist daar extra water willen winnen, vinden natuurorganisaties onverantwoord. Maar zonder deze winning zou Brabant Water een ‘acuut leveringsprobleem’ krijgen. Sinds vorige week is er een compromis: het bedrijf kan aan de slag maar beloofde om in de toekomst, als er geen watertekorten meer zijn, andere natuurgebieden te ontzien.
Steeds luider slaan drinkwaterbedrijven en toezichthouders alarm, want de drinkwatervoorziening loopt steeds verder vast. Vereniging van waterbedrijven, Vewin, publiceerde al in 2022 een kaartje van Nederland in meerdere tinten rood: door het hele land dreigen tekorten. Nu al moet Vitens, het grootste drinkwaterbedrijf, noodgedwongen nieuwe drinkwateraansluitingen van bedrijven weigeren en is er vrees voor toekomstige woningbouwprojecten in onder meer Utrecht en Overijssel. In 2040 verbruiken we 30 procent meer water dan nu en komen we jaarlijks 299 miljoen kubieke meter tekort, meer dan het verbruik van heel Noord-Brabant. Gaat het zo door, dan loopt de watervoorziening net zo vast als het stroomnet.
Nederland dacht zich goed te hebben voorbereid op de groeiende watervraag. De dorre, droge zomer van 2018 was een wake-upcall. ‘We moeten eerder een voorraad aanleggen’, zegt Joke Cuperus, directeur van drinkwaterbedrijf PWN. In het Kamerdebat ‘omgaan met gevolgen van aanhoudende droogte’ vroeg de SP of onze grondwatervoorraden nog wel volstaan; en moeten drinkwaterbedrijven niet extra reserves aanleggen? De VVD was het ermee eens en diende een motie in. Watertekorten moeten hoe dan ook worden voorkomen.
Die zomer besloot het Rijk dat er extra watervoorraden moeten komen. Binnen drie jaar moeten de provincies de ‘Aanvullende Strategische Voorraden’ zeker stellen. ‘Dit zijn geen grote kelders vol stilstaand water, zo werkt het niet,’ legt Peter Salverda uit, ‘want het water dat uit Nederlandse kranen komt is “dagvers” en zit nooit langer dan 24 uur in een reservoir.’ Salverda is landelijk strategisch omgevingsmanager bij Vitens, het grootste drinkwaterbedrijf van het land, en bedacht samen met de provincies het plan voor de reserves. Het gaat juist om extra, nieuwe en uitermate goed beschermde locaties voor toekomstige waterwinningen door het hele land. Bedoeld om vanaf 2030 groeiende dorst op te vangen.
Maar die doelen worden lang niet overal gehaald, blijkt uit onderzoek van Platform Investico met De Groene Amsterdammer, Trouw, Tubantia en de Brabantse Onderzoeksredactie. Zonder dat iemand het hardop zegt zijn de deadlines al verstreken. In een aantal provincies is de situatie nu al zo nijpend, dat de reserves al voor 2030 worden aangesproken, of dat het aanleggen van reserves niet eens een optie is. Een robuuste watervoorziening voor de toekomst, misschien wel de allereerste levensbehoefte, komt maar moeizaam van de grond. ‘De problemen zijn niet kleiner geworden, eerder groter.’
**Door heel Nederland loopt** de zoektocht naar water vast. In twee provincies is het nog niet gelukt om de locaties voor watervoorraden aan te wijzen, blijkt uit een inventarisatie bij alle provincies. Twee andere kunnen geen reserves aanleggen en kampen al voor 2030 met tekorten. Acht provincies hebben inmiddels wél locaties voor extra watervoorraden aangewezen. Maar dat blijkt geen zekerheid, want twee daarvan hebben de reserves door de groeiende dorst al eerder dan 2030 nodig. En in vijf van deze acht provincies loopt het aanleggen van de voorraden stroef door tegengestelde belangen en moeizame bestuurlijke processen.
Groningen en Friesland zijn te laat. Na zeven jaar is het nog niet gelukt om zelfs maar locaties aan te wijzen. Volgens de provincie Groningen komt de vertraging onder meer doordat een particuliere grondeigenaar geen toestemming gaf voor bodemonderzoek op zijn terrein. Vijf gebieden in Friesland komen in aanmerking maar volgens de provincie is verder onderzoek noodzakelijk. ‘We hebben de voorraden niet direct nodig’, zegt Friso Douwstra (CDA). ‘Er is tijd genoeg.’ Eerder duurde goedkeuring van een waterwinning bij het Friese dorp Luxwoude, mede door felle protesten van omwonenden, maar liefst zeven jaar. In Zeeland lukt het net als in Brabant simpelweg niet om reserves voor de toekomst aan te leggen. Door het zeewater is het grondwater te zout. Dus wil drinkwaterbedrijf Evides extra water tanken uit de Brabantse Biesbosch en naar Midden-Zeeland brengen via een nieuwe, kilometerslange lange pijp. Drenthe en Noord-Holland hebben de reserves netjes aangewezen, maar breken ze door de grote watertekorten al eerder dan 2030 aan.
Elders zijn locaties aangewezen, maar loopt het daarna vast. Soms botsen de plannen op de grenzen van de natuur. De waterwinning in de Limburgse Roerdalslenk kan niet uitgebreid worden. Er is al te weinig water, waardoor er volgens Europese regels geen druppel extra uit mag. Ook in de andere twee potentiële waterwingebieden valt er niet veel extra te winnen, bij eentje is het water vervuild door mest. In Overijssel is de situatie bijna net zo nijpend als in Noord-Brabant. Vitens wil water oppompen bij Daarle-Vriezenveen maar door risico op verdroging en een slechte waterkwaliteit lukt het hier voorlopig niet. Wanneer je water gaat oppompen bij Koppelerwaard, trek je water weg bij een Natura 2000-gebied dat vervolgens kan uitdrogen. Te veel verdroging mag niet volgens de natuurregels. En bij het Overijsselse Bruchterveld, waar bomen ‘s zomers bezwijken door de droogte, concurreer je met boeren die ook water willen oppompen om hun weilanden te sproeien. In beide gebieden kan minder worden opgepompt dan verwacht.
Ok, dan maar zeewater drinken….
Onzin, Nederland is een rivierdelta.
Een watertekort is ondenkbaar en wie anders beweerd is bezig ons nog meer geld uit de zak te kloppen.
Alle schaarste is beleidsmatig.
Vooral ook deze.
Mooi agenda punt voor 2050 👍 dan kunnen ze het een crisis noemen en er nog niks aan doen, behalve gebruiken voor marketing doeleinden.
Drie keer raden wie het probleem veroorzaakt…..🥁🚜🚜
Oh fijn. Nog iets leuks om naar vooruit te kijken.
Kapitalisme ten top:
boeren pompen het laatste drinkwater op om hun vee te voorzien en de drinkwater bedrijven moeten maar zien hoe ze aan water komen en de kosten afwentelen op de burgers.