
Parlare della storia della guerra della tua famiglia: perché è difficile e come puoi ottenere aiuto con questo
https://eenvandaag.avrotros.nl/item/in-gesprek-gaan-over-het-oorlogsverleden-van-je-familie-waarom-dat-moeilijk-is-en-hoe-je-daar-hulp-bij-kunt-krijgen/
di Chronicbias
1 commento
**Praten zet dingen in beweging**
“Praten over het oorlogsverleden kan spannend zijn, zeker binnen de familie”, zegt Van der Bles. “Toch raden we het vanuit ARQ Nationaal Psychotrauma Centrum sterk aan. Er is zoveel gezwegen: praten zet iets in beweging.”
Algemene tips zijn er niet, want elke familiegeschiedenis is anders. “Maar luisteren zonder oordeel is altijd belangrijk”, zegt ze. “We zien ook dat kleinkinderen het gesprek vaak makkelijker openen. De afstand helpt: het is toch anders als je opa ‘fout’ was dan je vader. Zij voelen meer ruimte om nieuwsgierig te vragen: wie staat er op deze foto? Of: wat weet u over dat NSB-verleden?”
**Hulplijnen**
Lukt praten met familie niet meteen, dan zijn er verschillende plekken waar je terechtkunt, zegt Van der Bles. “[De Luisterlijn](https://www.deluisterlijn.nl/) is 24/7 bereikbaar. [Het Contactpunt Naoorlogse Generaties](https://arq.org/kennis/nazorg-contactpunten) kent de historische context goed. En bij de [Stichting Werkgroep Herkenning](https://www.werkgroepherkenning.nl/) zit veel ervaringsdeskundigheid.”
Van de Kerkhof van die stichting: “Mensen kunnen bij ons terecht met algemene vragen, wij bieden een luisterend oor. Over je gevoelens en ervaringen praten helpt. Als kinderen van collaborateurs advies zoeken hoe ze met hun ouders kunnen praten, dan vraag ik bijvoorbeeld of ze al precies weten wat er destijds gebeurd is. We geven ook altijd het advies het dossier te lezen, zodat je zo min mogelijk verrast wordt.”
**Doorverwijzen en gespreksgroepen**
“Wij kunnen geen therapeutische behandeling bieden, maar als in het telefoongesprek blijkt dat je meer hulp zoekt, kunnen we je verwijzen naar de juiste plekken”, gaat Van de Kerkhof verder. Bij behoefte aan meer zorg en hulp, kan dit ook besproken worden met de huisarts.
Ook organiseert de stichting gespreksgroepen en contactmiddagen. “Daar is steeds meer behoefte aan. Vaak kunnen kinderen moeilijk praten met ouders die collaboreerden of daarvan verdacht werden. Families vallen ook uit elkaar: de een wil het er wel over hebben, de ander niet. Dan is het fijn om je schaamte, schuld en andere gevoelens te kunnen delen met andere lotgenoten. Dan krijg je herkenning in elkaar.”
**Waarom het zwijgen doorbreken**
“Ik hoor dat mensen het onwijs spannend vinden om te praten over het oorlogsverleden met familie, maar weet ook dat veel mensen die het tóch hebben gedaan daar heel blij mee zijn”, zegt Van der Bles. “Zij zeggen dat het veel rust geeft om de feiten te kennen, dat het puzzelstukjes op zijn plek kan laten vallen.”
Van de Kerkhof: “Kinderen van collaborateurs vinden het heel erg als er in de familie nooit over gesproken is, en ze er dan pas na overlijden van de ouders achterkomen wat er is gebeurd. Dan blijf je met vragen achter, die je niet meer kunt stellen. Als je dus nu al met vragen zit, kan het toch fijn zijn om daar antwoorden op te zoeken.”
**Dichter bij elkaar komen**
“Wat je soms ook ziet gebeuren, en wat je ook hoopt, is dat mensen dichter bij elkaar komen”, zegt Van der Bles tot slot.
“Dat ze begrijpen waarom dingen zo gelopen zijn, waar bepaalde houdingen of gedrag vandaan komen. En op een groter maatschappelijk niveau: dat we lessen kunnen leren uit het samen praten over verschillende ervaringen met de oorlog.”